Na een eerste toren, waaraan heel wat lotgevallen verbonden zijn, gaf de familie van Cröy, heren van Comines, de opdracht om een stadhuis en een belfort te bouwen, dat werd voltooid in 1623.
In 1857 begint het bovenste deel van het gebouw gevaarlijk te hellen. In enkele uren tijd slaagt een meester timmerman erin om het geraamte te herbouwen, de koepel, de twee paviljoens, de klokken, het uurwerk en de windwijzer !
In 1918 zouden de Duitsers dit geklasseerd monument helaas opblazen. De architect Louis-Marie Cordonnier liet het op identieke wijze heropbouwen, en het houten geraamte werd vervangen door gewapend beton. Zo kan men vandaag de ongelofelijke eivormige bol bewonderen die het belfort overkoepelt, een architecturale eigenaardigheid die uniek is in haar soort.
Het stadhuis dat ernaast ligt is ook nog omwille van een andere reden bijzonder: elke tweede zondag van oktober komt een regen van houten lepels op een vrolijke menigte terecht! Deze praktijk heeft een mysterieuze herkomst en zou te maken hebben met de invoering van de Franche Foire in 1456.